54 enden

  • karel

    Blijkens een artikel in NRC van deze week maalt Johan Slingeland 1.000 uur per jaar met de Putmolen met gemiddeld 54 enden. 

    Je weet het niet altijd met Johan. Nog niet zo lang geleden pronkte hij met “de enige werkende molenviergang ter wereld”. In het artikel van deze week verklaarde hij het molenaarsberoep dood. Naast de molen staat een pomp. Die kan het ook.

    Zeker, van een economisch zinvolle bedrijfstak is geen sprake meer. Langs die meetlat is het malen met molens marginaal en museaal.

    Maar…. Vijftig jaar geleden zijn mensen met visie de kennis en de vaardigheden van het molenaarschap gaan vastleggen en door gaan geven. De kunst is, om dat te doen, zonder dat er een steeds fletsere kopie ontstaat. Elke molenaar moet zijn molen onder alle omstandigheden kunnen beheersen. We moeten niet de teugels laten vieren, “want het hoeft toch niet meer”. Waar dat wel is gebeurd, vind ik dat de teugels weer moeten worden aangehaald.

    Bij Johan maak ik me daar geen zorgen over. Die kan net zo goed met de Putmolen malen als zijn voorgangers van honderd jaar geleden.

    Hoezo dood ? Het ambacht leeft.

  • Mike

    karel

    Blijkens een artikel in NRC van deze week maalt Johan Slingeland 1.000 uur per jaar met de Putmolen met gemiddeld 54 enden. 

    Je weet het niet altijd met Johan. Nog niet zo lang geleden pronkte hij met “de enige werkende molenviergang ter wereld”. In het artikel van deze week verklaarde hij het molenaarsberoep dood. Naast de molen staat een pomp. Die kan het ook.

    Zeker, van een economisch zinvolle bedrijfstak is geen sprake meer. Langs die meetlat is het malen met molens marginaal en museaal.

    Maar…. Vijftig jaar geleden zijn mensen met visie de kennis en de vaardigheden van het molenaarschap gaan vastleggen en door gaan geven. De kunst is, om dat te doen, zonder dat er een steeds fletsere kopie ontstaat. Elke molenaar moet zijn molen onder alle omstandigheden kunnen beheersen. We moeten niet de teugels laten vieren, “want het hoeft toch niet meer”. Waar dat wel is gebeurd, vind ik dat de teugels weer moeten worden aangehaald.

    Bij Johan maak ik me daar geen zorgen over. Die kan net zo goed met de Putmolen malen als zijn voorgangers van honderd jaar geleden.

    Hoezo dood ? Het ambacht leeft.

    hier 64,58 enden gemiddeld. 6 dagen op 7, 50 weken per jaar. Maar dan ook direct de enigste windmolen in Vlaanderen die nog op professionele basis wordt geëxploiteerd. Dan kan je zeggen dat het ambacht nog leeft… maar 1 op de ‘hoeveel’ molens is dat?  ;-)

  • karel

    Ach, waar een molen draait, daar leeft het molenaarsambacht. De één draait productie, de ander voor haar plezier, of toeristisch of folkloristisch. De tijden hebben zich veranderd en de invullingen van het ambacht ook. Gelukkig wel.

  • karel

    Eerder schreef ik, dat ik me over Johan Slingeland geen zorgen maakte. Nu dus wel, sinds hij in een molenblad zei dat je alleen maar een ambachtelijke molenaar was, als je het van je pappa had geleerd, het je hele leven al deed, en ervoor betaald kreeg. Wat een flauwekul. Je wordt geen molenaar van een deeltijdbaan bij het waterschap en een pomp naast het huis die het werk doet. En erfopvolging speelt volgens mij alleen bij het baantje van de koning een rol/

  • Charles Stokman

    54 enden als gemiddelde komt op mij wel als erg langzaam over. Een poldermolen mag gerust een snelheid hebben van 100 enden, in vol bedrijf. En volgens mij is de Putmolen onderdeel van een viergang die als enig ter wereld de polder nog volledig op windkracht bemaald.

    Dus ik begrijp die uitspraak niet, of heb ik mogelijk iets gemist?

  • Lolke

    Charles, 54 is het GEMIDDELDE; 100 tot 140 het nagestreefde MAXIMUM, dat zoals we allen weten helaas niet vaak gehaald kan worden, en ‘slappe’ dagen waarop toch gemalen moet worden om nog iets aan water te verzetten kunnen het gemiddelde behoorlijk drukken. Ik vermoed dat Mike op zulke onrendabele dagen helemaal niet op de wind maalt, waardoor zijn moyenne hoger is.

    Wat betreft het malen op de Aarlanderveense viergang: helaas is ‘volledig op windkracht’ sinds 1994 verleden tijd; het waterschap vond het toen, in het kader van de destijds tot stand gekomen wijzigingen in het beheer van de viergang en het in dat verband gesloten convenant, toch nodig om, zij het uitsluitend voor noodgevallen, bij elke molen een mechanisch bemalingsalternatief beschikbaar te hebben.

  • Mike

    Lolke

    Ik vermoed dat Mike op zulke onrendabele dagen helemaal niet op de wind maalt, waardoor zijn moyenne hoger is.

     

    Nee, dan is ze gewoon ‘los’. Je kan tenslotte ook aanmodderen om ‘bezig’ te zijn…

    Nu, buiten de werkuren veel draaien helpt altijd. Volgend jaar als de generator er in zit kunnen we die lage toeren wél gebruiken, maar voor te malen is dat niet zo aangenaam als je nog veel ander werk hebt..